DITSS Veiligheidsatelier Brabant 2015

Aanmoedigingsprijs Winnaars 2015


Informatie

Drie vraagstukken rondom zorg en veiligheid

Op 21 december 2015 heeft de heer Erik van Merrienboer, gedeputeerde van de provincie Noord-Brabant, de uitslag van het Veiligheidsatelier Brabant 2015 bekend gemaakt in het provinciehuis Noord-Brabant. Dit jaar heeft de jury na goed beraad unaniem voor één voorstel gekozen. Lees hier het juryrapport.

Het innovatieve voorstel "Veiligheid op maat" is unaniem verkozen en heeft opdracht gekregen om in een fieldlab in de gemeente Etten-Leur het concept uit te werken en te testen op doelmatigheid. De drie veiligheidsregio's zorgen voor de financiering van dit project ter waarde van € 98.000.
Winnaars is het consortium van vier bedrijven, n.l.: Altijd Thuis, NIGW, Welzijnservices en VX Company

Programmamleider Peter Portheine heeft idns Brainport Slimmer Leven aan het bedrijf Ninthway een aanmoedingsprijs uitgereikt ter waarde van € 5.000.

Via deze link ziet u een fotocompilatie van de uitreiking Veiligheidsatelier Brabant 2015.


Vraagstuk 1

Mensen blijven langer thuis


Mensen blijven langer en tot op hogere leeftijd zelfstandig wonen. Dit geldt ook voor hulpbehoevende mensen. Er vindt nu en de komende jaren een accentverschuiving plaats van intramuraal naar extramuraal. Vanuit haar verantwoordelijkheid en taken wil de veiligheidsregio ook minder zelfredzame personen een concreet handelingsperspectief voor veiligheid bieden. De vraag is hoe de veiligheidsregio aan die opdracht c.q. opgave inhoud en vorm kan geven. De moeilijkheid voor de veiligheidsregio is dat deze niet weet waar de minder zelfredzame mensen wonen en ook niet de exacte omstandigheid van hulpbehoevendheid weet. Wat kan de veiligheidsregio doen om de minder zelfredzame, zelfstandig wonende mensen te bereiken en hen een handelingsperspectief te bieden in een situatie van een incident, waarbij eigen (en snelle) (zelf)redzaamheid belangrijk is. Naast het aspect van de persoonlijke (zelf)redzaamheid, die voor mensen met een beperking meestal een tekort inhoudt, is ook de vraag aan de orde of en zo ja hoe samenredzaamheid (met de omringende omgeving) vorm kan worden gegeven.
(Specifiek moet bij de uitvraag in casu het beantwoorden van deze vragen / opgaven aandacht worden gegeven aan de mogelijkheden van ICT voor (het stimuleren van) zelf- en samenredzaamheid.)

Burgemeester installeert eerste rookmelder

Verslag proces

De vraagarticulatie:
Tijdens de vraagarticulatie sessie is de behoefte gesteld voor een meer duidelijke omschrijving van de vraag.
Veiligheidsregio Midden- en West Brabant zoekt innovatieve (deel)oplossingen om als hulpverlener (brandweer, ambulance, politie) beter geëquipeerd te zijn bij noodsituaties met mensen die verminderd zelfredzaam zijn. (hierbij gaat het niet om mensen in tehuizen)
Beter geïnformeerd over:
. Mate van zelfredzaamheid / samenredzaamheid
. Locaties waar minder zelfredzamen zich bevinden
De innovatieve oplossingen kunnen preventief en / of repressief ingezet worden.
Preventief
. Hoe kan de VR stimuleren dat minder zelfredzame personen zichzelf bewust zijn van hun beperking in relatie tot hun zelfredzaamheid bij een incident.
. Wat kan de VR op een innovatieve manier doen om het bewustzijn / bewustwording van de doelgroep te vergroten (en hoe)?
. Hoe kunnen we zelfredzaamheid vergroten
. Hoe kunnen we eenvoudig data uitwisselen
. Hoe kunnen we dezelfde taal spreken
Repressief
. Welke apparatuur hebben we nodig
. Hoe ontsluiten we informatie

Winnend Concept

Het winnend voorstel is Veiligheid Op Maat van de bedrijven Welzijn Services, Altijd Thuis en NIGW. In de plaats Etten-Leur worden bij 50 woningen van mensen met een beperking diverse sensoren geplaatst die met elkaar verbonden zijn. Op de foto ziet u dat de burgemeester van Etten-Leur mevrouw H. van Rijnbach - De Groot de eerste rookmelder plaatst. Voor een aantal scenario's te weten inactiviteit, dwaling en brand zijn via patroonherkenning de juiste opvolging ingesteld met medewerking van de buurt, mantelzorgers, verzorgingsbedrijven, politie en brandweer. De bedrijven hebben samen een website gepubliceerd, waar alle informatie op staat www.leefsamen.nl


Vraagstuk 2

Brandpreventie in zorghuizen

Hoe zorg je dat de veiligheid acceptabel blijft

Hoe zorg je ervoor dat de (voorzienbare) effecten van een incident in de intramurale zorg geaccepteerd worden als ze zich aandienen? Oftewel, sluit onze maatschappelijke acceptatie nog wel aan bij de mogelijkheden die wet- en regelgeving voor bouwkundige, installatietechnische en organisatorische voorzieningen bieden om het veiligheidsniveau verder te optimaliseren. Het brandveilig bouwen en gebruiken is een samenspel tussen het bouwkundige, installatietechnische en organisatorische ontwerp (de BIO-configuratie). In werkelijkheid weten we dat het voldoen aan wet- en regelgeving niet altijd leidt tot een veilige situatie. De "echte" veiligheid komt voort uit de C van cultuur. Het nemen van verantwoordelijkheid door slim toepassen van randveiligheidsvoorzieningen én een goede naleving hiervan, zorgt voor een meer acceptabel niveau van brandveiligheid. Met alleen het minimale niveau uit de regelgeving gaan we het niet redden. Wat hierbij overblijft is een restrisico dat een causaal verband heeft met de (voorzienbare) effecten van een incident. We weten allemaal wat er kan gebeuren. Maar wat doen we met het restrisico? Het is een feit dat de zorg verschuift van intramuraal naar extramuraal. Als gevolg daarvan wordt de zorgvraag in een zorggebouwen alsmaar complexer en zwaarder. Cliënten met een licht zorgpakket worden niet meer opgenomen en/of vertrekken, de zware zorg blijft over. Dit zijn veelal personen die beperkt of niet zelfredzaam zijn. Moeten we de BIOC-configuratie* hierop aanpassen of kiezen we bewust voor een restrisico? Kiezen we voor het restrisico, dan moeten we na een incident kunnen concluderen dat het niveau van brandveiligheid voldoende is geweest. En blijven gevolgen voor bestuurders, Ministers en andere verantwoordelijken achterwegen?
Kortom:
- Waar ligt de maatschappelijke lat tot acceptatie?
- Hoe groot is dan het verschil tussen wet- en regelgeving en die lat?
- En kunnen we vaststellen hoe groot dat gat mag zijn?
BIOC = Bouwkundige, Installatietechnische en Organisatorische voorzieningen i.c.m. de Cultuur binnen een instelling.)

Verslag proces

Vraagarticulatie
De definitie van Intramurale zorg volgens de NEN 2745 is: Zorg die langer duurt dan 24 uur en waarbij verblijf gecombineerd wordt met behandeling, activerende en ondersteunende begeleiding, verpleging of verzorging. Het betreft zowel gezondheidszorg, huisvesting als hulpverlening en begeleiding in zorginstellingen zoals ziekenhuiszorg en verpleging- en verzorging.
Als Veiligheidsregio worstelen wij met bovenstaande:
. Als voldoen aan wetgeving het minimale veiligheidsniveau is; wat is dan een juist veiligheidsniveau, gelet op de maatschappelijke verwachting?
. Hoe kan dat juiste veiligheidsniveau eenduidig worden vastgesteld?
. Hoe kan de maatschappelijke verwachting gestroomlijnd worden (door eenduidig te communiceren over gedragen restrisico's?)
. En teneinde de zorgplicht voor instellingen meer kenbaar te maken en ze daardoor tot beweging aan te zetten?


Vraagstuk 3

Brandpreventie op niet gemiddeld gedrag

Brandpreventie is afgestemd op het gemiddeld gedrag van de gemiddelde Nederlander onder gemiddelde omstandigheden. Bij het afgaan van een ontruimingsalarm (slow-whoop) verwachten wij adequaat gedrag van de gemiddelde mens die dit alarm begrijpt. Zonder af te willen doen aan wet- en regelgeving met betrekking tot ontruimingsinstallaties, is het mogelijk gewenst ontruimingsgedrag te prikkelen voor diegenen die niet vanzelfsprekend het geluid herkennen (demente bejaarden, verwarde personen, kleine kinderen) en hiernaar adequaat handelen?

Verslag proces

Vraagarticulatie
Zijn er instrumenten of methoden te ontwikkelen voor brandpreventie die de zelfredzaamheid van onze doelgroep bij een incident vergroot?

De vraag is via welke preventiemiddelen wij personen die afwijken van het gemiddelde kunnen helpen toch adequaat te reageren.
"Gemiddelde" zoals in de vraag verstaan we dat deze handelen:
. Autonoom;
. Begrijpen signalen van brand (ruikt/ziet rook, slow-woop, ziet brand);
. Zij reageren adequaat : door weg te rennen, de brandweer bellen.
Personen die afwijken van dit gemiddelde zoals die hierboven is beschreven, is onze doelgroep. De vraag gaat niet over personen die niet voorspelbaar niet adequaat handelen. Dus bijv. niet over personen onder invloed (drugs, alcohol etc.).
Omgeving
Alle gebouwen waar brandpreventieve maatregelen aanwezig zijn en waar onze doelgroep komt.
Belanghebbenden
. Alle overheid/hulpdiensten;
. De doelgroep;
. Gebouweigenaren;
. Exportanten;
. Zorginstellingen.
Reikwijdte
Gelet op vraag één die gaat over particuliere woningen, gaat onze vraag over alle gebouwen waar deze doelgroep komt en die dus niet in een zelfstandig particuliere woning woont.
Diepte
Gevoelsmatig vinden wij slachtoffers in onze doelgroep ernstig, omdat wij ons algemeen verantwoordelijk voelen voor hulpbehoevende mensen. Er zijn geen specifieke cijfers die dit probleem hebben kunnen onderbouwen.
Impact
Jaarlijks zijn er gemiddeld 60 personen die omkomen bij brand, waarvan de helft binnen onze doelgroep valt. Onze doelgroep beslaat een klein gedeelte van de totale bevolking, maar daarin vallen wel 30 dodelijke slachtoffers. Procentueel gezien ligt de kans dat mensen uit de doelgroep dodelijk slachtoffer wordt dus hoger dan bij de gemiddelde burger.
Doelgroep
De vraag gaat over personen die afwijken van het maatschappelijk gemiddelde. Dus personen die onder andere fysiek of mentaal hulpbehoevend zijn en jonge kinderen die zelf nog geen rationele keuzes kunnen maken. Personen die dus hulp ontvangen voor deze beperkingen. Het is dus voorspelbaar dat zij niet adequaat handelen.
Waarom
Het is een probleem, omdat er veel slachtoffers vallen en het maatschappelijk impact groot is. Bijvoorbeeld voor hulpdiensten komt ieder dodelijk slachtoffer in het rugzakje van deze professionals. Zij willen zoveel mogelijk dodelijke slachtoffers voorkomen. Vandaar deze vraag vanuit de brandweer. De professionals denken ook dat wanneer er bij brandpreventie meer rekening wordt gehouden met onze doelgroep er minder dodelijke slachtoffers zullen vallen.


Opdrachtgevers veiligheidsvraagstukken

Elk veiligheidsvraagstuk heeft één of meerdere probleemhouders. In 2015 hebben de drie Brabantse Veiligheidsregio's de vragen neergelegd bij het DITSS en middelen beschikbaar gesteld voor de organisatie en voor de beste oplossingsvoorstellen zullen zij een pilot ofwel fieldlab begeleiden en financieren.

Veiligheidsregio Brabant-Noord Veiligheidsregio Brabant Zuidoost Veiligheidsregio Midden- en West Brabant


TwitterVAB_2015